Bezig met laden...

          X

          Aanpassingen WAB naar Tweede Kamer

          Transitievergoeding, loonbegrip, oproepkrachten en WW

          werk, transitievergoeding, ww, fiscaal, loonbegrip oproepkrachten
           
          Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft een aanbiedingsbrief met lagere regelgeving rondom de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB) naar de Tweede Kamer gestuurd. Het gaat om conceptbesluiten rond de transitievergoeding, het loonbegrip, oproepkrachten en de hoge en lage WW-premie. De Tweede Kamer heeft al  ingestemd met het wetsvoorstel Arbeidsmarkt in balans (WAB), met uitzondering van de voorgestelde proeftijdregels. Het plan was om een proeftijd van vijf maanden mogelijk te maken, evenals een proeftijd van drie maanden voor tijdelijke contracten van langer dan twee jaar. beide voorstellen zijn geschrapt.

          In mindering brengen kosten op transitievergoeding
          De wijziging maakt het mogelijk om kosten die de werkgever heeft gemaakt voor activiteiten voor bevordering van kennis en vaardigheden van een werknemer in mindering te brengen op de transitievergoeding, indien de werknemer die kennis en vaardigheden heeft gebruikt om een andere functie bij de werkgever uit te oefenen. Werkgevers worden hierdoor meer gestimuleerd om tijdens het dienstverband te investeren in de bredere inzetbaarheid van werknemers.

          Compensatieregeling transitievergoeding bij bedrijfsbeëindiging of ziekte werkgever
          Bij ministeriële regeling zullen nadere regels worden gesteld over de procedure met betrekking tot het aanvragen van compensatie voor uitgekeerde transitievergoedingen door de werkgever. De werkgever zal, naast het bij ziekte verplichte advies van een bedrijfsarts, gegevens moeten verstrekken aan UWV over de arbeidsovereenkomsten en gegevens waaruit blijkt hoe de (transitie-)vergoedingen zijn berekend door de werkgever en dat deze ook daadwerkelijk aan de werknemers zijn betaald.

          Aanpassing loonbegrip
          Door de WAB hebben werknemers recht op transitievergoeding vanaf de eerste dag van de arbeidsovereenkomst in plaats van op het moment dat een arbeidsovereenkomst 24 maanden heeft geduurd. Dit heeft gevolgen voor het Besluit loonbegrip vergoeding aanzegtermijn en transitievergoeding, waarin staat hoe het loon voor de transitievergoeding berekend moet worden. Voortaan moet het loon per maand ook voor zeer korte contracten berekend kunnen worden.

          Oproepcontracten
          Een arbeidsovereenkomst wordt niet beschouwd als een oproepovereenkomst indien – naast de vastgelegde omvang van de arbeid als één aantal uren per tijdseenheid – consignatiediensten zijn overeengekomen die worden vergoed of gecompenseerd in vrije tijd. Bij consignatiediensten – ook vaak piket- of wachtdiensten genoemd – moet een werknemer op gezette tijden beschikbaar zijn om in het geval van onvoorziene omstandigheden zo spoedig mogelijk te komen werken. Deze diensten worden vooraf ingeroosterd. 

          Ook arbeidsovereenkomsten waarin bereikbaarheidsdiensten zijn overeengekomen die voorkomen in bepaalde zorgsectoren, worden niet aangemerkt als oproepovereenkomsten, mits de arbeidsomvang voor het overige is vastgelegd als één aantal uren per tijdseenheid.

          Seizoenwerkers
          Voor functies die als gevolg van 'klimatologische of natuurlijke omstandigheden' hoogstens negen maanden per jaar kunnen worden uitgeoefend (denk bijvoorbeeld aan functies in de land- en tuinbouw), ofwel seizoenswerk, is een wijziging aangebracht in de WAB. Voor deze werknemers is geregeld dat in de cao afgeweken kan worden van de regels uit de WAB voor oproepkrachten. Het gaat hier om:
          • De verplichting om oproepkrachten na een jaar een contract te bieden met een vaste arbeidsomvang;
          • De verplichting om een oproepkracht minimaal vier dagen van tevoren op te roepen en de verplichting om loon te betalen over de uren waarvoor de werknemer was opgeroepen als de werkgever de arbeidstijden van de oproep wijzigt of de oproep afzegt.
          In de cao kan dus zijn bepaald dat bovenstaande regels niet van toepassing zijn op deze groep seizoenswerkers. De functies waarvoor dit geldt, moeten dan wel in de cao beschreven zijn.

          Differentiëring WW-premie voor werkgevers
          Daarin wijzigt de financiering van de Werkloosheidswet (WW) door de WW-premie te differentiëren naar aard van het contract: voor vaste contracten gaan werkgevers een lagere WW-premie afdragen dan voor flexibele contracten. Het moet hiermee voor werkgevers aantrekkelijker worden om werknemers een vast contract te bieden. Het verschil tussen het hoge en het lage percentage wordt vastgesteld op vijf procentpunten.

          Tegemoetkoming in de loonkosten voor BBL-plekken
          De regering aan de sectoren landbouw, horeca en recreatie de komende vijf jaar jaarlijks € 12 miljoen beschikbaar stellen voor een tegemoetkoming in de loonkosten voor plekken in de beroepsbegeleidende leerweg (BBL).

          Maatregelen uit de WAB
          de Kamer heeft al ingestemd met de volgende maatregelen:
          • De verlenging van de ketenbepaling van twee naar drie jaar. Werknemers krijgen hierdoor pas na drie jaar (of na drie tijdelijke contracten) recht op een vast contract.
          • Het vervallen van de periode van twee jaar voordat een werknemer in aanmerking komt voor de transitievergoeding. Een werknemer heeft hier straks vanaf het begin van zijn arbeidsovereenkomst recht op.
          • Het schrappen van de afronding op halve dienstjaren in de transitievergoeding. De werkgever moet de vergoeding berekenen over de feitelijke duur van de arbeidsovereenkomst.
          • Het afschaffen van de hogere opbouw van de transitievergoeding voor werknemers die langer dan tien jaar in dienst zijn geweest.
          • De introductie van de cumulatiegrond bij ontslag. Hierdoor kunnen werkgevers straks verschillende ontslaggronden met elkaar combineren. Ontslaat de werkgever een werknemer op basis van deze grond, dan kan de rechter de werknemer wel een extra vergoeding toekennen.
          • Het jaarlijks doen van een aanbod door de werkgever voor een vaste arbeidsomvang aan oproepkrachten met een nulurencontract of min-maxcontract. Dit aanbod is gebaseerd op de gemiddelde gewerkte arbeidsduur in de voorgaande twaalf maanden. Daarnaast moet de werkgever een oproepkracht straks minimaal vier dagen van tevoren oproepen (in de cao kan hiervan worden afgeweken).
          • Het wijzigen van de regels voor payrollers. Payrollbedrijven kunnen straks geen uitzendbeding en ruimere ketenbepaling meer hanteren voor payrollwerknemers. Daarnaast krijgen payrollwerknemers recht op dezelfde arbeidsvoorwaarden als werknemers die bij de werkgever in dienst zijn.
          • De wijzigingen in de WW-premie. Werkgevers gaan een lage WW-premie betalen voor werknemers met een vast contact en een hoge WW-premie voor werknemers met een flexibel contract.
          Nu de Tweede Kamer heeft ingestemd met de WAB, gaat het wetsvoorstel naar de Eerste Kamer. Als de Eerste Kamer ook instemt met het voorstel, gaan de wijzigingen per 1 januari 2020 in.


          Redactie TQL 

          Illus.(cc): wfc
           

          Ebooks


          Gratis toegang


          Heeft u al een account? Log dan hier in.

          Inloggen in "Mijn TQL"




          Heeft u nog geen account? Klik hier om een account aan te maken


           

          Nieuwsbrief Artikelen



          Op de hoogte blijven van de nieuwste onderwerpen en update's van TQL?
          Schrijf u dan hier in voor de nieuwsbrief. 
          Eerder verschenen artikelen vindt u onder Nieuws
          Op zoek naar een passende opleiding?
          Kies uit ruim 25.000 opleidingen, trainingen en cursussen.  

          TQL Tweets